Interview Cédric Mateso: “Ik speel heel graag voor THES”

Hij heeft een naam als een klok en bij dit interview hebben we ons geen seconde verveeld. We maken de balans op met iemand die er zijn eerste seizoen in Tessenderlo-Ham heeft opzitten. Herinneringen ophalen en naar de toekomst kijken. We stelden 5 dilemma’s en 14 snelle vragen aan onze snelle nummer 14. 

Waar dacht je voor het seizoen dat Thes ging eindigen?

“Ik heb de afgelopen jaren Thes altijd wel gevolgd en wist dat het een stabiele club in 1e Amateur was. Ze eindigden meestal rond de vijfde plaats wat een knappe prestate is. Dit seizoen waaide er een nieuwe wind met veel andere en vooral jongere spelers.”

“De bedoeling is altijd geweest om het zo goed mogelijk te doen en eindigen in de linkerkolom moest zeker haalbaar zijn. Ik geloofde altijd in de top-5. Jammer genoeg is dat net niet gelukt, want we kwamen amper één punt tekort. Toch ben ik tevreden over het seizoen. We hebben de buitenwereld positief verrast en laten zien tot wat we als ploeg in staat zijn.”

Ben je verbaasd waar Thes geëindigd is en dat je zelf zoveel speelt?

“Tijdens de voorbereiding zou niemand gedacht hebben dat we zo een goed seizoen hebben gedraaid. We begonnen uitstekend en hebben lang mee aan de leiding gestaan. Die lijn hebben we dan goed kunnen doortrekken. Ik ben ook fier om te zien wat we als team verwezenlijkt hebben. Op zich hadden we een complete kern, maar dat kwam er tijdens de oefenwedstrijden niet altijd uit. Gelukkig zag je dat in de competitie wel steeds terugkomen.”

“Ik wist wel dat ik mijn kansen ging krijgen. Anders zou ik hier ook niet getekend hebben natuurlijk. Hoeveel ik zou spelen, was een vraagteken. Over mijn seizoen ben ik al bij al wel tevreden. Het was ook voor mij allemaal nieuw én op een positie die ik niet gewoon was. Ik heb zeker nog stappen te zetten om een nog bepalendere speler te zijn, maar ik blik tevreden terug.”

Waarom speel je als aanvaller op de flank?

“Bij mijn vorige clubs speelde ik als aanvaller en hier speel ik een rijtje lager als middenvelder op de wingback. Ze vonden hier dat ik dat wel zou kunnen omdat ik hou van acties maken op snelheid. Als je wint is dat leuk omdat je bijdraagt aan de overwinning, maar ik zie mezelf nog altijd als een flankaanvaller.”

“Toen ze mij dat voor de eerste keer vertelden, dacht ik dat ik een verdediger ging worden. Er zijn hier nog voorbeelden geweest van aanvallende spelers die zijn omgevormd en die deden het stuk voor stuk heel erg goed. Als je als ploeg aanvallend speelt, ben je ook in deze opstelling meer een aanvaller natuurlijk.”

Heb je dat neusje voor doelpunten van je vader?

“Mijn vader scoorde echt wel heel veel doelpunten. (lacht) Na elke wedstrijd spreken we met mekaar. Dan legt hij mij uit wat ik in bepaalde momenten beter of anders moet doen. Telkens op een constructieve manier en hij weet exact wat ik nodig heb. De thuiswedstrijd tegen Knokke FC is daar een perfect voorbeeld van. Mijn vader vertelde mij voordien hoe ik beter moest lopen voor doel. De manier waarop was tot in detail hoe hij het mij uitlegde. Achteraf was hij dan ook heel tevreden.”

“Ik ben de jongste thuis en heb hem jammer genoeg weinig zien spelen, maar hij is altijd iemand geweest waar ik naar opkeek. Onlangs heb ik een dvd gekregen van beelden van mijn vader toen hij nog voor KTC Diest speelde. Zowel voetballend als privé heb ik heel veel aan hem gehad en daar ben ik hem dankbaar voor. Altijd als mijn vader kan, is hij aanwezig bij de wedstrijden.”

Welk doelpunt voor Thes zal je nooit vergeten?

“Dat is het doelpunt hier thuis in de derby tegen Belisia Bilzen. Ik kreeg de bal aan de linkerkant en ging twee spelers voorbij. Daarna trapte ik hard in de korte hoek waardoor de doelman verrast was. De viering deed ik met Kenneth (Kerckhofs) en Andries (Claes) achteraf. Derby’s zijn altijd speciale wedstrijden. We kwamen vroeg op voorsprong en het was een mooi moment om te scoren.”

Wie was dat jongetje waar jij mee opliep tegen Diegem Sport?

“Dat is de zoon van mijn broer. We lachen samen, spelen samen in de tuin en heb er gewoon een heel goede band mee. Zijn zusje is mijn petekind, maar die was er niet bij. Het was een magisch moment. Ik denk wel dat hij er even hard van genoten heeft dan ikzelf. Mijn broer is ook voetballer geweest en we voetbalden vaak samen in de tuin vroeger. Hij heeft onder andere voor KVC Westerlo en PSV gespeeld én zat bij de U16 van de Rode Duivels.”

Waar speelde jij in de jeugd?

“Ik ben begonnen als vijfjarige bij KTC Diest. Een jaar later kwam ik uit voor KVC Westerlo waar ik alle jeugdreeksen doorliep. Elk seizoen ben ik mogen verdergaan naar de oudere ploeg. Het was perfect combineerbaar met school en niet ver van huis. Bij de U13 zijn we overtuigend kampioen geworden. Ik speelde er met Daan Heymans (KRC Genk) en Senne Lynen (Werder Bremen) in de ploeg.”

“De beste waar ik tegen heb gespeeld was Mike Trésor. Hij is een jeugdvriend en we deden ook veel naast het voetbal. Zo gingen we bijvoorbeeld samen naar familiefeestjes. Hij deed met de bal wat hij wou en was echt een fenomenale voetballer. Als ik met hem samenspeelde, werd ik ook beter omdat hij mijn niveau omhoog trok.”

Wat kwam er na KVC Westerlo?

“Ik werd eerst een jaar uitgeleend aan KSK Heist. Dat verliep eigenlijk goed, maar even later kwam corona. Het tweede jaar speelde ik er een stuk minder. Daarna heb ik nog bij FC Berlaar-Heikant en KAC Betekom gespeeld.”

Hoe voelt het om kampioen te spelen?

“Heel goed natuurlijk. Dat was bij Eendracht Termien. Het eerste jaar dat ik er speelde, werden we meteen kampioen. Door een blessure speelde ik niet zo veel, maar op de belangrijke momenten was ik er wel. De sfeer in de ploeg zat zodanig goed dat het bij elke gewonnen wedstrijd één groot feest was. Het kampioenenfeestje hebben we in een paar weken tijd maar liefst vier keer gevierd.” (lacht)

“De kampioenenwedstrijd wonnen we op verplaatsing met 0-3 van KFC Turnhout. De supporters hebben ons begeleid met een bus naar de wedstrijd. Ook na de wedstrijd reden we terug in een bus met open dak om als echte kampioenen te kunnen vieren. We werden onthaald door de burgemeester van Genk en het heeft toen nog tot in de vroege uurtjes geduurd. Dat is toch wel het mooiste moment in mijn carrière.”

Wanneer wordt je international van Rwanda?

“Dat is een goede vraag. (lacht) Er is een groep van mensen die Rwandese voetballers volgt van over de hele wereld. Ze geven dan spelers door die potentieel hebben. Mijn moeder komt uit Rwanda dus in principe zou ik voor Rwanda opgeroepen kunnen worden en dat zou een droom zijn.”

“Maxime (Wenssens, reserve doelman) heeft al enkele caps op zijn naam staan en heb er met hem al eens over gesproken. Het zou inderdaad heel mooi zijn om ooit die droom waar te maken, maar ik heb geen idee of dat realistisch is. Als ik die kans ooit ga krijgen, ga ik ze uiteraard met beide handen grijpen. Daarvoor zullen eerst mijn statistieken wat de hoogte in moeten. Dat is iets om volgend seizoen aan te werken.”

Zitten er nog voetballers in je familie?

“Mijn neef Jordi Liongola speelt voor RAAL La Louvière en is Burundees international. Ik ben al eens naar hem gaan kijken in het nieuwe stadion van RAAL La Louvière en hij is één van de betere spelers van de ploeg. Een andere neef speelt bij Valencia CF. Dat is Largie Ramazani en we zijn hem vorig jaar gaan bezoeken in Spanje. We hebben wel een sportieve familie en het is iets wat ons samenbrengt.”

Heb je vaak te maken (gehad) met racisme?

“Het is jammer dat er nog zoveel racisme is in het voetbal, want het zou niet mogen. Ook bij mij is dat al eens voorgevallen, ja. Het mag absoluut nooit een reden zijn om iemand uit te maken of te bekritiseren. Je kan beter op zoiets niet reageren. Tijdens de wedstrijd hoor je af en toe wel iets, maar je probeert enkel met je wedstrijd bezig te zijn.

Ik ben eens gecontacteerd door de voetbalbond of ik daar een statement over wilde maken. Dat heb ik dan gedaan en er is toen ook een artikel over verschenen. Racisme is iets wat niet thuishoort in deze wereld. Als mensen je afkomst of ras tegen u gebruiken, is dat heel erg laag. Gelukkig zijn er ook positieve dingen, want ik voel me overal 100% geaccepteerd.”

“Ook bij Thes voelde ik mij vanaf dag een bijzonder goed en lig er goed in de groep. De supporters hebben zelfs een liedje voor mij gemaakt. Dat vind ik persoonlijk heel erg mooi en daar ben ik ze ook dankbaar voor. Het geeft je een heel goed gevoel en motiveert me ook. Ik heb veel appreciatie voor hen en het geeft energie want zij geven ook energie aan mij.”

Wat doe je na het seizoen om jezelf fit te houden?

“Ik train wel vaak om de conditie op peil te houden. Het is belangrijk om je niveau te onderhouden, maar je maakt ook wel meer plezier dan. Basketbal vind ik leuk om te doen en dat kan dan ook wel wat meer. Net zoals tijd spenderen met de familie. Vooral in de weekends is het meestal voetbal. Dat valt na het seizoen weg dus dan verdienen die mensen meer aandacht omdat ze er altijd voor je zijn geweest.”

Waar speel je binnen 5 jaar?

“Dan ben ik 32 jaar, maar daar ben ik helemaal nog niet mee bezig. Ik zie het zeker zitten om 5 jaar voor Thes te spelen en speel ook heel graag voor Thes. Een stap hoger of een buitenlands avontuur zie ik zeker zitten. Een land zoals Canada spreekt mij wel aan om er te voetballen. Ik wil wel eens proeven van die cultuur.”

Tenslotte ga ik je vijf dilemma’s voorschotelen. Je trekt telkens één kaartje waar een dilemma opstaat en je kiest het meest passende voor jou.

Strafschop – Vrije trap

“Ik zou gaan voor een: ‘Strafschop’, omdat je dan een rechtstreeks duel hebt tegen de doelman. In de jeugd heb ik vaak strafschoppen genomen en dat ging wel goed.”

Chips – Koekjes

“Chips vind ik wel lekker, dus neem ik: ‘Chips’ hier. Mijn favoriet is zout & peper van Lays.”

Dubai – De Malediven

“Nog nooit geweest, maar: ‘De Malediven’ spreken mij het meest aan. Je kan er goed tot rust komen onder de palmbomen aan het strand.” (lacht)

Douche – Bad

“Het valt eigenlijk te zien wanneer. Als het snel moet gaan, kies ik een douche. Een bad nemen doe je meer om te genieten. Als ik er tijd voor heb, kan ik daar ook zeker van genieten.”

Nike – Adidas

“Heel simpel: ‘Nike’! Nike is gewoon mijn merk en draag het heel veel.”